|
Veel critici en debunkers van deze orb-verschijnselen proberen dit weg te
wuiven als zouden het de bekende zon- of lichtreflecties zijn,
stofdeeltjes op de lens of nevel- en waterdruppels. Maar dat is absoluut
geen verklaring voor "paranormale orbs". Zo zijn er foto's bekend van orbs
die zich half "verschuilen" achter iemands schouder of half achter een
boom. Ze zijn ook overdag, zonder flitslicht zichtbaar op foto's. En
vooral dieren schijnen ze te kunnen zien (proberen er soms naar te
happen), zoals blijkt uit de talrijke foto's van orbs die op Google te
vinden zijn.
En last but not least: ze zijn blijkbaar
"oproepbaar" en komen alleen tevoorschijn als er EVP-opnames worden
gemaakt of als er een duidelijk verband met een overledene bestaat (zoals
bijvoorbeeld een bezoek aan een kerkhof). Ook komen ze frequenter voor als
er dieren of kinderen op de foto staan. Met mijn digitale foto's heb ik
ook geëxperimenteerd met alle soorten stofdeeltjes, waterdruppels en
lichtreflecties, maar die zien er absoluut anders uit. Na uitvoerige
bestudering moet ik tot de conclusie komen dat mijn orbs althans
"paranormaal" van oorsprong zijn.
Hoogst interessant is in dit verband het
wetenschappelijke onderzoek van de fysicus dr. K.Heinemann en Prof.
M.Ledwith naar deze "orb-verschijnselen". Zij schreven hierover het boek
"The Orb Project" (NY 2007), naar aanleiding van 6 jaar onderzoek en
uitvoerige bestudering en analyse van ca 100.000 orb-foto's, die zij ook
voor een groot deel zelf maakten. In dit boek komen ze tot enkele
opmerkelijke voorlopige conclusies: "Orbs bestaan werkelijk en zijn
afkomstig uit een gebied dat buiten de normale menselijke perceptie ligt.
Zij lijken te functioneren buiten de conventionele wetten der fysica. Het
zijn energetische verschijnselen. Orbs vertonen tekenen van intelligentie.
Het lijkt erop dat orbs met ons willen communiceren. Het bewijs van
orb-fluoriscentie toont de mogelijkheid aan dat deze orbs binnen hun eigen
fysisch gebied even solide voor henzelf zijn als onze eigen fysische
realiteit solide voor ons is. Als deze hypotheses bewaarheid worden, dan
zullen veel van onze conventionele voorstellingen van begrippen als
"geest" en het "hiernamaals" opnieuw gedefinieerd moeten worden", aldus
beide wetenschappers. De geconstateerde "communicatieve" eigenschappen van
deze orbs, die ook deze 2 wetenschappers waarnamen, laten fotografeerbare
orb-verschijnselen uitstekend passen binnen de definitie van
"Instrumentele Trans-Communicatie" (ITC).

Om nu terug te komen op de ITC-foto's
van Leon Stam; hij maakt bij zijn foto-opnames veel gebruik van
spiegelende wateroppervlaktes. Dit verschijnsel van spiegelende effecten
is niet onbekend in de parapsychologie. Vroeger maakte men bij het
helderziend of mediamiek/spiritistisch opwekken van paranormale
verschijnselen veel gebruik van dergelijke spiegelende oppervlaktes. Men
denke bijvoorbeeld aan het gebruik van "kristallen
bollen"("kristal-kijken"), "zwarte koffiedik" ("koffiedik-kijken"), maar
ook wel van "zwarte inkt". Vandaar ook het woord "bespiegeling". Men noemt
dit "in water kijken" en daarbij helderziende waarnemingen krijgen ook wel
"hydromantie", of "kylikomantie", naar het Griekse woord "kylis"
("drinkschaal"), die men vroeger met water of olie vulde en die bij z.g.
"orakels" werden gebruikt. Op een of andere manier "induceert" een
spiegelend oppervlak blijkbaar paranormale effecten.
Achter het huis van Leon loopt een
slootje, waar hij regelmatig foto's maakt bij alle weersomstandigheden,
zoals bijvoorbeeld "mist". In die mistflarden of bewegende
waterspiegelingen kunnen dan ineens "gezichten" of "personen" opdoemen...
Als men deze foto's daarna goed bestudeert en analyseert, dan blijken er
soms zaken op te staan die haast geen toeval kunnen zijn. Ik zal daar
enkele voorbeelden van geven. Nadat wij een aantal keren EVP-opnames
hadden gemaakt, die betrekking hadden op onze "vorige levens", kreeg Leon
steeds meer beelden op zijn foto's, die op een of andere manier te maken
hadden met deze "reincarnaties"(zie ook hoofdstuk 8: REINCARNATIE).
Toen ik de stemmen vroeg wie de man met
baard was, die Leon had gefotografeerd op de muur tijdens een
EVP-opnamesessie, kreeg ik te horen: "dat was ik, Martin!" Later kwam deze
entiteit meerdere malen door en deelde mede dat hij in de 16e eeuw ook
astronoom was geweest en ons beiden blijkbaar gekend had. Helaas konden we
geen portret van hem vinden, maar wel een grafsteen. Op een tweede
ITC-foto van Leon komt waarschijnlijk ook dezelfde Martin voor, te
oordelen aan de baard en gelijkenis met de eerste foto. Hij houdt iets in
zijn hand, dat een "astrolabium" zou kunnen zijn, een astronomisch
instrument uit die tijd. Een derde foto lijkt op en 16e eeuwse astronoom
met een wereldbol naast zich....

Een hele merkwaardige ITC-foto, ook door
Leon Stam gemaakt van een spiegelend wateroppervlak, vertoont iets dat in
eerste instantie op een soort kindertekening lijkt van een ridder te
paard. Nadere beschouwing en analyse leerde echter dat het tot in de
kleinste details ging om een persoon uit een van onze beider levens...
Deze Juan van Aragon leefde in de 14e eeuw en deed in 1385 mee aan een
toernooi, waarbij hij met wapenschild en banieren werd afgebeeld in de
"Heraut van Gelre". Op het moment dat Leon deze foto maakte, kende hij
deze afbeelding uit de "Heraut" niet! Pas veel later konden we alle
details thuisbrengen. Het lijkt erop dat alle elementen op deze foto veel
te toevallig zijn om "toeval" te kunnen zijn...

Maar hoe ontstaan deze ITC-foto's? Zijn
het visuele bevestigingen, aanwijzingen van de EVP-stemmen? Zijn het
gedachtenfoto's...?
Gedachtenfoto's
(?)
Het was de Franse neuroloog Dr. H.
Baraduc die in 1895 voor het eerst het woord "gedachtenfoto" gebruikte
tijdens een lezing voor de Franse Academie voor Medische Wetenschappen.
Hij baseerde dit op zijn jarenlange onderzoek naar paranormale effecten
bij fotografische opnames. Bij het overlijden van zijn zoon André en 6
maanden later van zijn vrouw Nadine, had hij bij hun sterfbed foto's
gemaakt. Hierop waren vreemde bolvormige lichtverschijnselen te zien, die
hij alleen bij het onwikkelen had bemerkt.
Hij meende dat de menselijke gedachte
als een "ziel" na de dood op fotografische plaat kon worden vastgelegd.
Over deze experimenten schreef hij het boek L'âme humaine (1896). Hij was
niet de enige in de 19e eeuw, die dergelijke verschijnselen op
fotografische plaat had ontdekt, maar wel de meest betrouwbare
wetenschapper op dat gebied.

Tegen het einde der 19e eeuw en de beginjaren van de 20e
eeuw ontstond er een ware hausse aan "geestenfoto's", de meesten
getruceerd door slimme fotografen, door portretten van overleden
familieleden in te monteren achter degene die geportretteerd werd.
Wellicht dat enkele van deze foto's "echte" ITC-foto's waren, maar over
het algemeen waren ze onbetrouwbaar.
In die beginjaren der fotografie (na 1855) en na de opkomst
van het "spiritisme" (vanaf 1848) gingen veel mensen experimenteren met
deze nieuwe fenomenen. Een aantal van hen ontdekten daarbij wellicht echte
paranormale verschijnselen. Zo misschien ook de Franse majoor Louis
Darget, die in 1913 beweerde dat hij door "gedachtenkracht" fotografische
platen had beinvloed, door deze op zijn voorhoofd te houden. Daarmee zou
hij tot twee keer toe de vorm van een "fles" op de plaat hebben gekregen,
door sterk aan een fles te denken. In die tijd noemde men dit ook wel
"ikonographie" of "ideoplastie", dat zou ontstaan door z.g. "V-stralen".

Van 1910-1913 experimenteerde een Japanse professor met dit
in die tijd de krantenkoppen halende verschijnsel van "gedachtengrafie".
Het was Dr. Tomokichi Fukurai, professor in de psychologie aan de
Keizerlijke Universiteit van Tokio. Zijn 2 proefpersonen waren mevr. Ikuko
Nagao, de vrouw van een rechter, en Chizuko Mifume, beiden paranormaal
begaafd. De proeven bestonden hieruit dat zij zich moesten concentreren op
Japanse schrifttekens en deze mentaal moesten projecteren op een
fotografische plaat. Een aantal keren lukte dat, naar het schijnt, hoewel
de proeven niet waterdicht werden uitgevoerd. De Japanse pers maaide vol
ongeloof deze professor neer, hij moest ontslag nemen en Mifume pleegde
zelfmoord door gif in te nemen...

Ook Fukurai constateerde tijdens de experimenten vreemde
ITC-verschijnselen, zoals "ringen" van licht om zijn eigen hoofd, waaruit
gezichten leken te ontstaan. Zijn theorie daarover was: "gedachtengrafie
en geestenfotografie zijn het werk van een en dezelfde kracht. Wanneer het
werkt door het persoonlijk bewustzijn, dan noemen we dit gedachtengrafie;
wanneer het werkt via de "supernormale" krachten van het medium, waarbij
de resultaten onafhankelijk zijn van diens wil, noemt men dit
"geestenfotografie".
In de zestiger jaren van de vorige eeuw experimenteerde een
andere psycholoog, Prof.Jule Eisenbud in Amerika met een paranormaal
begaafde (?) zwerver, Ted Serios. Hij schreef daarover het boek "The World
of Ted Serios, Thoughtographic Studies of an Extraordinary Mind" (1968).
Hoewel Eisenbud overtuigd was van de "psychokinetische" begaafdheid van
Ted Serios, is tot op heden nog niet zeker of er fraude werd gepleegd door
Serios. Eisenbud maakte met een Polaroidcamera continue foto's van zijn
proefpersoon, die na de nodige alcohol in een soort opperste concentratie
raakte en dan een zwart dopje ("gismo") voor de lens hield. Op sommige
polaroidfoto's waren dan beelden te zien, hoofdzakelijk van gebouwen,
auto's, ruimtevaartuigen, etc. Tijdens experimenten met een Duitse
cameraploeg in 1968, maakte Serios eerst een schets van iets waar hij aan
"dacht", in dit geval een Neanderthaler of oermens. Daarna kwamen
schokkerig en in verschillende standen beelden op de Polaroidfoto's,
waarop inderdaad een Neanderthaler stond. Pas later ontdekte men exact
dezelfde afbeelding op een schilderij in het Museum of Natural History in
Chicago...

Als men deze z.g. "gedachtenfoto's" van Serios goed bekijkt
en analyseert, dan ziet men dat ze als twee druppels water lijken op het
schilderij in dit museum. Alle details van de rotspartij achter de
Neanderthaler en diens arm, etc. zijn exact gelijk. Vreemd is echter dat
de "gedachte vooraf" van Serios (de schets) er heel anders uitziet (andere
stand arm, ander gezicht) dan de Neanderthaler van het schilderij. Het
lijkt erop dat Ted Serios hier gefraudeerd heeft...of we moeten aannemen
dat Serios een absoluut fotografisch geheugen had? Maar waarom dan een
totaal andere schets vooraf?
Het onderzoek van prof. Tiller en Dr. Schwarz
De quantumfysicus "Professor emeritus" William Tiller van
de Stanford University (o.a. bekend van de film "What The Bleep Do We
Know?") voerde in 1976 zeer interessante experimenten uit met een
paranormaal begaafde student, de latere psycholoog dr.Stanislav O'Jack.
Deze student had contact met hem gezocht omdat hij gedurende een lange
periode had ontdekt dat zijn gemaakte foto's vreemde verschijnselen
vertoonden. Als hij mensen of landschappen fotografeerde, dan waren op
deze foto's vreemde slangachtige lichtverschijnselen te zien. Hij
gebruikte steeds een statief, dus de oorzaak kon niet liggen in het
bewegen van de fotocamera.
Als hij een fotocamera van iemand anders gebruikte, dan
onstond dit vreemde effect niet, maar hij ontdekte dat wanneer hij de
camera van een ander een tijd bij zich droeg, ook weer dezelfde
"paranormale" verschijnselen hiermee ontstonden. Als een andere persoon de
fotocamera, die een tijdje in het "bioveld" van Stan was geweest,
gebruikte, dan maakte ook deze persoon vreemde paranormale foto's
gedurende een periode variërend van 1 tot ca 10 uur.
Prof. Tiller vond de foto's zo intrigerend, dat hij een
serie gecontroleerde experimenten met Stanislav ondernam. Daarbij werden
de "energetisch ingestraalde" camera van Stan naast een "niet
ingestraalde" camera van de universiteit samen op eenzelfde statief
gemonteerd en liet men beide fototoestellen op exact hetzelfde moment
opnames maken. De films in de camera's werden door mensen van de Stanford
universiteit zelf geladen en waren splinternieuw. Stan mocht daar niet
aankomen. Het bizarre was dat de universiteitscamera "normale" foto's te
zien gaf, maar op de foto's van de door Stan ingestraalde camera werden
hele vreemde effecten geconstateerd, die fysisch onverklaarbaar waren.
Zo was op een van de foto's een groepje van 3 mensen
gefotografeerd, die bij een schoolbord stonden. Op de foto van het door
Stan ingestraalde fototoestel waren vreemde dingen te zien. De persoon,
die vóór het schoolbord stond was half verdwenen en "transparant"
geworden. Het leek of men dwars door hem heen kon kijken en het schoolbord
achter hem was in z'n geheel zichtbaar! Bovendien leek het of de vrouw die
naast hem stond haar beenpositie en houding had veranderd, terwijl beide
foto's in dezelfde fractie van een seconde waren genomen. Ook de man leek
zijn positie te hebben veranderd, want naast zijn twee benen is nog een
ander been zichtbaar. Uit zowel de man als de vrouw kwamen ook vreemde
slangachtige lichtbanen (zie foto). Ook op een andere foto, genomen in een
zaal met mensen, waren deze lange lichtbanen te zien, die in verband
schenen te staan met de zaalverlichting.


Zelf maakte de schrijver van deze website, Hans Kennis, in
2005 een zelfde paranormaal fotoverschijnsel mee tijdens experimentele
EVP-opnames met Jean de Meulder, Michel van Akkeren en Leon Stam. Leon had
een digitale foto gemaakt van Jean, die met een psychofoon aan het
experimenteren was. Op de foto is te zien dat er vanuit zijn laptop
groenachtige stralen omhoog gaan. Uit een blauw lichtknopje kromt zich een
blauw-paars lichtslangetje omhoog en uit de 2 luidsprekers komen eveneens
slangachtige gele lichtverschijnselen. Bovendien lijkt Jean omhuld te
worden door een soort lichtverschijnsel. Diezelfde dag maakte Leon de
eerder in dit hoofdstuk genoemde andere "paranormale ITC-foto's", zoals
gezichten en een paar orbs. Er was op dat moment dus duidelijk sprake van
paranormale nevenverschijnselen, gekoppeld aan EVP mededelingen.
Prof.Tiller kwam na zijn experimenten met Stanislav O'Jack,
evenals na vele experimenten op het gebied van "Kirliaanse fotografie" en
laboratoriumonderzoek naar "psycho-energetische" systemen, tot de volgende
werkhypothese: "het menselijke bewustzijn is in staat om tot een koppeling
te komen van mens en instrument in een unieke laag van fysische realiteit.
Deze realiteitslaag kan zijn eigen "levensvormen" hebben, die onder
bepaalde omstandigheden voor ons zichtbaar kunnen worden, terwijl onder
normale omstandigheden conventionele instrumenten dit niet kunnen
waarnemen. Dit schrijft hij als voorwoord van het voornoemde boek "The Orb
Project" en vermeldt tevens dat "orbs" eveneens tot deze unieke laag
schijnen te behoren.
Dr. Heinemann en Prof. Ledwith publiceerden in dit boek ook
foto's waarop te zien is dat in enkele seconden de orbs blijkbaar kunnen
veranderen in andere lichtverschijnselen, in een soort plasma-achtige
wolken, die zij "plasmoïden noemen ("plasmoids"). Het gaat hier beslist
niet om z.g. rookslierten, die debunkers weleens opperen! Het lijkt er op
dat plasmoïden een andere verschijningsvorm van orbs kunnen zijn;
blijkbaar kunnen ze zich transformeren. Op internet kan men via Google
honderden van dezelfde soort verschijnselen vinden onder "ectoplasma" (de
oude parapsychologische naam) en "orbs". Bijna iedereen kan dit blijkbaar,
na wat geduld en het zoeken van een soort "contact" met de orbs, op zijn
digitale camera registreren.

Ook bepaalde "refractieverschijnselen" bij paranormale
digitale foto's zouden kunnen wijzen op een zeer korte verschuiving in een
ander soort tijdsdimensie (zie foto van autoruit, die in een fractie van
een seconde in tientallen stukjes in de tijd lijkt te zijn verschoven; een
soort refractie). Dit lijkt ook het geval te zijn bij de foto van
Prof.Tiller met de camera van Stanislav, waar zowel de man als de vrouw
verschoven lijken te zijn in een soort andere tijdsdimensie.
In 1872 ondernam de Amerikaanse parapsychologisch
geinteresseerde onderzoeker John Beattie een aantal bijzonder interessante
experimenten met foto-opnames tijdens spiritistische seances in
aanwezigheid van het medium de Heer Butland. Meestal na zo'n 20 belichte
fotografische platen, die niets opleverden, ontstonden soms ineens vreemde
lichtverschijnselen op de foto's, die van tevoren nauwkeurig door het
medium werden "gezien" en beschreven. Beattie noemde dit "od-licht", naar
baron Reichenbach die deze term voor het eerst in 1852 gebruikte.
Merkwaardig is dat dit zeer zeldzame verschijnsel in de vroegere
fotografie, tegenwoordig met digitale camera's veel vaker is op te nemen,
getuige de honderden foto's die men op internet kan aantreffen met
blijkbaar exact dezelfde lichtverschijnselen! Bij Google kan men dit soort
foto's, die de makers daarvan bijzonder verbazen, vinden onder
"ectoplasm", "ecto", "orbs", etc. Ik heb een aantal van die foto's onder
elkaar gezet om dit verschijnsel beter te kunnen vergelijken. Blijkbaar
was Beattie een der eerste onderzoekers die authentieke ITC-opnames
maakte.

Behalve deze merkwaardige lichtverschijnselen kunnen er ook
"gezichten" op ITC-foto's ontstaan.
De Amerikaanse psychiater dr.Berthold Schwarz deed vanaf
1967 onderzoek naar de ITC-verschijnselen bij Stella Lansing, een
huisvrouw uit Palmer, Massachusetts. Zij maakte foto's en zelfs
filmopnames van vreemde paranormale verschijnselen die zij waarnam. Deze
bestonden uit lichtverschijnselen in bolvorm, zoals orbs. Soms konden deze
in een soort kring gegroepeerd zijn. Maar ook ITC-opnames van "gezichten"
werden door haar op de fotocamera vastgelegd. Dit ging samen met
EVP-achtige stemmen tijdens de opnames. Zelf meende Stella dat zij te
maken had met "UFO-verschijnselen". In die tijd was dit een "hype" en een
van de weinige verklaringsmogelijkheden, maar in het licht van nieuwe
parapsychologische ontdekkingen van de laatste jaren, lijken de
verschijnselen die Stella Lansing registreerde meer op
"ITC-verschijnselen".

Conclusie
Tal van onderzoeken op het gebied van ITC tonen aan dat
foto- en filmcamera's blijkbaar paranormale verschijnselen kunnen
registreren, die met het "blote oog" niet waarneembaar zijn. Als een
parallel daarvan kan men de EVP-verschijnselen noemen, die eveneens kunnen
worden geregistreerd met apparatuur als bandrecorders en computers, en ook
niet met het "blote oor" te horen zijn. Het lijkt erop dat beide
verschijnselen nauw verwant zijn en een zelfde soort tussengebied of
overgangsgebied bestrijken, wellicht dat van die andere dimensie. Vanuit
de Quantumfysische wetenschap ontstaan steeds meer hypotheses over
meerdere vermoedelijke dimensies en parapsychologisch onderzoek zou dit
uitstekend kunnen aanvullen.
Toch staat dit parapsychologische onderzoek naar
gedachten-foto's, ITC-verschijnselen en EVP-verschijnselen nog steeds
(helaas) in de kinderschoenen, zover het überhaupt al onderzocht wordt.
Bij ITC-verschijnselen is het onderzoek zelfs moeilijker dan bij
EVP-fenomenen, waar d.m.v. duidelijk verstaanbare dialogen inzicht kan
worden verkregen in het hoe en waarom van dit verschijnsel. Bij ITC is dat
moeilijker te analyseren.
Er bestaan verschillende theorieën over ITC: De
quantumfysicus Prof. Tiller meent dat het van psycho-energetische aard kan
zijn, en dat het een relatie heeft met een andere zelfstandige laag of
dimensie; de theorie van "morphic resonance" en "morphic fields" van de
bioloog dr. Rupert Sheldrake ligt in het verlengde daarvan. Interessant
zijn in dit verband ook de experimenten die de parapsycholoog Raymond
Bayless in 1952 samen met Attila von Szalay uitvoerde. Daarbij werd een
proefpersoon, mevr. Michaela Kelly, onder hypnose gebracht en onder haar
hand werd een stuk fotopapier gelegd. Na afloop van de hypnose werd dit
fotopapier ontwikkeld in ontwikkelvloeistof en daarbij ontstond het
ITC-beeld van een vrouw met een hoofddoek en de letters "Nad". Het bleek
een afbeelding van haar recent overleden huishoudster "Naddie" te zijn...!
Tijdens haar leven had deze vrouw steeds een hoofddoek gedragen. Hier
lijkt het dus te gaan om een spiritistisch te verklaren ITC-verschijnsel.

Sommige parapsychologen menen dat ITC-verschijnselen een
vorm van psychokinese (PK) kunnen zijn, een soort vorm van
gedachtenbeinvloeding ("gedachtenfoto's"), net zoals de door gedachten
beinvloedde watermoleculen van Prof. Masaru Emoto. Andere parapsychologen,
waaronder ik mijzelf ook schaar, menen dat ITC soms een vorm van
communicatieve energie-overdracht kan zijn vanuit die volgende dimensie:
het hiernamaals. Dit wordt namelijk door EVP-stemmen zelf bevestigd bij
combinatiegevallen van EVP en ITC.
Om van dat laatste een voorbeeld te geven: ook ikzelf kon
als EVP-onderzoeker vaststellen dat op mijn vragen of de "entiteiten"
gefotografeerd konden worden, bevestigende antwoorden werden gegeven. Zo
vroeg ik mijn overleden vader of hij in die andere dimensie een huis had
en hoe zij daar woonden. Daarop kwamen de volgende antwoorden: "huis
hebben we, ik heb een tuintje hier" en met vreemde kliktonen: "een foto
nemen!" Vervolgens maakte ik een aantal foto's in m'n opnamestudio en op
de gang daarnaast. Op een van de foto's was op de muur een vreemd
lichteffect te bespeuren. Eerst zag ik niet goed wat het was, maar bij
uitvergroting leek het op een soort "luchtfoto" van een paar huizen met
tuinen, muren en een soort laantje. Het lijkt er veel op dat ik hier een
"ITC-foto" maakte van een soort "dorpslandschap" in het hiernamaals(?) Een
andere verklaring heb ik er niet voor, tenzij het een toevallige
configuratie in de vorm van een landschap zou gaan, maar dat geloof ik
eigenlijk niet omdat de foto direkt volgde op de hieraan gerelateerde
EVP-uitlatingen.

"huis hebben we!"
"ik
heb een tuintje hier!"
"een
foto nemen!"
Dit stond overigens niet op zichzelf; na mijn vragen of ik
de "entiteiten" zelf ook kon fotograferen, kwam als antwoord: "doe maar"
en op de daarna gemaakte foto's stonden inderdaad diverse "orbs". De jaren
daarna maakten we tijdens EVP-opnames telkens foto's in het opnamevertrek
en telkens stonden dan op de foto's een aantal orbs...! En als ik geen
EVP-opnames maakte, dan stond er ook vrijwel nooit een orb op de foto! Ik
bemerkte bij mijn onderzoek dat deze orbs dus "oproepbaar" waren.
Na mijn vraag "zijn jullie ook orbs?" kwam als antwoord:
"orbs zijn we, ja!" en bij de vraag "kan ik vanavond mooie foto's van
jullie maken als orb?" kwam het merkwaardige antwoord: "dansen, blauwe
vliegers!" Interessant is dat de gefotografeerde orbs vaak een blauwe
kleur hebben, maar er komen ook groene, gele en rode orbs voor.
"orbs zijn we!" (na mijn vraag: zijn jullie ook orbs?)
"dansen, blauwe vliegers!" (na mijn vraag: kan ik vanavond mooie foto's
van jullie maken als orb?)

In de afgelopen periode kon ik talrijke orbs fotograferen
tijdens of direkt na EVP-opnames in m'n opnamestudio, maar ook buiten in
de tuin met flitslicht (zie foto). Een merkwaardige groene orb met een
soort driehoek erin werd gefotografeerd door Michel van Akkeren tijdens
een EVP-meeting bij mij thuis. Op een andere foto is goed te zien dat de
orb een bepaald traject aflegt, m.a.w. in beweging was tijdens de digitale
opname met flitslicht. In een honderdste seconde legde de orb een bepaalde
afstand af, met blijkbaar wisselende snelheid. Het flitslicht
correspondeerde met ca 9 posities die hij innam en na de flits nam hij nog
2 à 3 posities in. Debunkers zullen direkt roepen: het lijkt op
regendruppels, maar die avond was het beslist droog en waren er absoluut
geen regendruppels of anderszins! In het boek "The Orb Project"
constateerden beide onderzoekers dezelfde bewegingsfactoren bij orbs en
berekenden dat ze soms zeer hoge snelheden kunnen bereiken tijdens de
flitsopnames.
Ook Heinemann en Ledwith komen bij hun onderzoek naar orbs
tot de conclusie dat hier klaarblijkelijk sprake is van intelligente,
communicatieve en zelfstandige bestaansvormen (m.a.w."geesten") in de vorm
van energievelden (plasmoids) of energiebundelingen (orbs). Interessant is
dat het steeds frequenter voorkomen van orbs, plasmoïden en ITC-foto's
blijkbaar te maken heeft met de recente ontwikkeling van digitale
fotocamera's, die op een of andere manier "gevoeliger" lijken te zijn dan
de vroegere camera's. Een explosieve groei van dit soort vreemde
lichtverschijnselen op digitale foto's heeft geleid tot een enorm aanbod
van dat soort foto's op internet (Google), met de vragen van veel mensen
erbij: "Wat is dit??" en "Kan iemand een verklaring voor mijn foto(s)
geven?"
Trouwens al vóór de digitale fotografie werden er orbs op
foto's gesignaleerd, maar die kwamen veel minder frequent voor. Het lijkt
er ook op dat dit in de vroegere fotografie alleen in de nabijheid van
"mediamieke" of "paranormaal begaafde" personen plaatsvond. Het was de
Fransman Hector Durville die in 1907 in de buurt van mediamiek begaafde
proefpersonen als een der eersten "orbs" en "plasmoïden op de gevoelige
plaat vastlegde. Hij schreef hierover het boek "Le Fantôme des Vivants"
uit 1909. Ook een andere Fransman, de neuroloog H.Baraduc fotografeerde in
1895 zijn vrouw op haar sterfbed en legde drie ovale "lichtbollen" (orbs?)
vast op de plaat.

Zo beschrijft de Amerikaanse EVP-onderzoeker William Welch
in zijn boek "Talks with the Dead- The incredible account of electronic
communications with spirit voices" uit 1975 over zijn bezoek aan Attila
von Szalay (de allereerste persoon die EVP registreerde in 1947, zie
hoofdstuk 13a Geschiedenis van EVP). Von Szalay was van beroep fotograaf
en hij vertelde Welch dat hij tijdens bruiloftsreportages deze
"hinderlijke" orbs ("ronde lichtbollen") ook soms op zijn foto's bespeurde
in de vijftiger jaren, tot zijn grote ergenis als beroepsfotograaf! Ook
Prof. Tiller fotografeerde op de Stanford Universiteit in 1976 een orb
(zie foto hiervoor).
Het is duidelijk dat er op dit uitermate interessante
gebied van ITC-verschijnselen in de toekomst veel meer onderzoek zou
moeten komen, wil men meer begrijpen van de ons omringende kosmos met zijn
vele interactieve dimensies en de 21e eeuwse wetenschap eindelijk het
conventionele, verouderde en ontoereikende Newtoniaanse wereldbeeld zal
kunnen aanpassen of vervangen.
|